dinsdag 3 augustus 2010

Gids voor Steenwijk en omstreken: Algemene beschrijving

ALGEMEENE BESCHRIJVING.
Van het Zuiden komende, bereikt men Steenwijk per Staatsspoor over Zwolle, waar men in den regel plaats kan nemen in het voor Friesland bestemde gedeelte van den trein; het andere deel bestaat uit rijtuigen voor Groningen. Te Meppel heeft de scheiding plaats; het is dus verstandig zich hier te overtuigen van de goede richting. Het eerste station na Meppel is de halte Nijeveen, waar geene sneltreinen stilhouden. Daarna volgt Steenwijk, waar alle treinen stoppen.



Bij aankomst ziet men het plein vóór het station, versierd met een groot bloemperk en op eenige passen afstand ligt 't hôtel De Kroon, ondernemer de heer JAC. BIJKERK (stalhouderij). Links een breede allée met zware kastanjeboomen (de oude Stationsweg), voerende in 3 minuten langs de Ambachtsschool, met eene rechtsche ombuiging naar het hôtel Belle Vue van den heer H. WIERINGA Jr. (stalhouderij) ter rechter- en het hotel Varrenhorst (met groote concertzaal) van den heer N. BIJKERK, ter linkerzijde.
Verder rechts gaande, treedt men over een steenen overbrugging der stadsgrachten Steenwijks winkelstraat de Oosterstraat in, of men buigt vóór genoemde brug links om, voorbij een paar aardig gelegen villa's, waartegenover het café Onder de Linden met groote bovenzaal, van den heer JAN DE WIT. Eenige treden verder wordt het oog geboeid door den keurig aangelegden tuin van de villa Nijenstede, eigen aan den heer JAN TROMP MEESTERS.



Tezelfder zijde van de allée (den Meppeler straatweg), beplant met mooie eiken, bevindt zich de theetuin met uitspanning voor kinderen, eigen aan den heer J.J. BIJKERK en aan den anderen kant van het koetshuis van Nijenstede het pas gestichte Wijkgebouw, waartegenover de ingang van het aan de stad behoorende Slingerboschje, een hoewel kleine, zeer aangename wandelplaats, voorzien van zitbanken. Iets verder den straatweg volgende, voorbij de algemeene begraafplaats, de Driesprong, gevormd door den rijksweg naar Meppel (rechts), de Kallenkoter-allée (meer links) voerende naar Kallenkote (gemeente Steenwijkerwold) en Wapserveen (gemeente Havelte) en een zandweg, die ons over het spoor brengt naar landerijen en kleinere wandelwegen.



Keeren wij even naar het punt van uitgang terug. Van het spoorwegstation rechtuit gaande, komt men langs de Jan Hendrik Tromp Meestersstraat, bebouwd met fraaie woningen, voorbij de in den lande alom bekende meubelfabriek van de firma Gebr. MONSIEUR en ziet men aan zijn linkerzijde de schoone villa Zonnehoek en vóór zich de nieuwe Rijks Hoogere Burgerschool met 3-jarigen cursus. Rechtsaf langs den wal naar de Paardenmarkt, aan den linkerkant waarvan zich bevindt het hôtel van ouds Het Posthuis van den heer G.C. VAN HERPE, waarin tevens het expeditiekantoor van Van Gend & Loos gevestigd is en waar een brievenbus der Posterijen is geplaatst. Genoemd hotel links latende liggen, wandelt men over den Cornputsingel, met flinke heerenhuizen ter rechterzijde en aan den linkerkant de Openbare Lagere School B., het Nederl. Herv. Armenhuis en het kerkgebouw der Ned. Israël. Gemeente.
Aan het eind van dezen singel rechts ombuigende, de in Engelsch-landhuisstijl z.g. "cottage-stijl" gebouwde villa Ramswoerthe met groot park en waterpartijen, gebouwd naar plannen van den heer VAN GEND te Amsterdam; het park aangelegd door den tuinarchitect COPIJN, van de Groenekan bij Driebergen. Deze villa draagt een eigenaardigen naam. Tot 1899 stond hier een boerderij en graasden de koeien er in het malsche gras van het weiland ‘de Woerthe’, welke land een paar honderd jaar geleden behoorde aan den toenmaligen burgemeester van Steenwijk, RAM genaamd. De boerderij en het weiland zijn in korte jaren in een lustoord herschapen. Keur van heesters, zeldzame bloemen, volgroeide boomen, een volière, hertenkamp, bloemen- en vruchtenkweekerij naar de nieuwste methoden - het is alles als bij tooverslag ontstaan.



Brengen wij nu eerst een bezoek aan het centrum van Steenwijk, het fraaie en ruime marktplein, vanwaar men den regelmatigen bouw van de stad het best kan waarnemen.
Aan de Oostzijde vinden we het flinke Stadhuis, dat één geheel vormt met het daarachter staande Postkantoor, te zamen een gebouwencomplex van 18 X 40 meter. Dit stadhuis op zich zelf verdient het, dat wij er een oogenblikje bij stil staan. Het gebouw toch beschikt over vele ruime lokalen als, beneden: de Burgemeesterskamer, de Raadszaal, de Bodekamer, eene ruime vestibule, de Secretarie, de kamer van den Gemeente-Secretaris met brandvrije kluis, benevens een deel van de woning van den concierge. Twee verschillende trappen leiden naar boven. De 1e, in de vestibule, brengt ons in de oude kantonale gevangenis, welke uit drie ruime cellen bestaat, waarvan de eerste twee vermoedelijk dienst hebben gedaan voor gevangenen, wier misdaad niet groot was; het bezichtigen van de derde cel doet ons een andere conclusie trekken. Hier toch zijn de stevige wanden en de vloer, vervaardigd van zwaar eiken hout, doorschoten met dikke spijkers, die op kleine afstanden van elkaar zijn geslagen. In de wanden der eerste beide cellen hebben vele gevangenen hun namen vereeuwigd, door deze met een mes in het hout te snijden. Fouilleeren bleek toen nog niet in de mode te zijn, en misschien was het ook niet noodig: velen toch zaten er onschuldig, dat kan men duidelijk zien, want ze hebben naast den datum en duur van hun straftijd en den aard van het misdrijf het woord ‘onschuldig’ vermeld. Enkele oude geweren, groote trommen enz., die hier nog bewaard worden, voeren ons in gedachten naar den ouden tijd terug. Doch er is hier meer dat aan vroeger herinnert. Wanneer U ons volgt langs de andere trap, komen wij weer op een soort vestibule. De eerste deur recht voor ons draagt tot opschrift Nutszaal. Dit lokaal diende vroeger voor raadszaal. Die deur daar, waarop Secretarie staat, geeft toegang tot een kamer, waarin vroeger de gemeente Steenwijkerwold hare secretarie hield. De beide andere vertrekken, die men er, behalve de kamers, welke bij de woning van den concierge hooren, nog vindt, doen dienst voor de griffie van het Kantongerecht en voor het bureau van den gemeenteopzichter.
Nog een andere ingang van het stadhuis bevindt zich in het Waagstraatje. Hier vindt men de oude boterwaag, thans de centrale bewaarplaats van de brandbluschmiddelen. Uit de simpele opsomming der verschillende vertrekken met hun dienst moge reeds gebleken zijn dat het stadhuis tot velerlei doeleinden wordt gebruikt, nog duidelijker springt dit in 't oog als we nagaan, welke vele vergaderingen enz. hier worden gehouden, behalve die van het Bestuur der gemeente. Zoo vergaderen hier alle commissies van bijstand in het gemeentelijk beheer, zooals die vermeld zijn in het Jaarboekje voor Steenwijk, verder de Kamer van Koophandel en Fabrieken, de Brandweer, het College van Zetters voor de Personeele Belasting, idem voor de Bedrijfsbelasting, de Plaatselijke commissie voor de Ongevallenwet, de Gezondheidscommissie, de Vereeniging tot verbetering van de Volkshuisvesting ‘Algemeen Belang’, die tot Bestrijding der Bedelarij door Werkverschaffing, het Zieken- en Begrafenisfonds. In dit gebouw heeft plaats de loting voor de Nationale Militie, en houdt zitting de Militieraad, de ontvanger van het Waterschap Vollenhove, terwijl hier bovendien het Hoofdstembureau is voor het Kiesdistrict Steenwijk, waar ook de stemmingen plaats vinden. Het stadhuis staat in het centrum van de stad het is het centrum van alle officieele leven.
Langs de Noord-, West- en Zuidzijde van het marktplein treffen we voor het meerendeel winkelhuizen en in het midden van het plein een goed onderhouden bloemperk aan, waarboven flinke verlichting is aangebracht, op welke plaats des zomers eenige keeren avondconcerten worden gegeven door het Steenwijker Fanfare-corps, een muziekgezelschap dat zich in aller sympathie mag verheugen en wier verdienste reeds meer dan eens door mooie onderscheidingen op verschillende concoursen is erkend.
Op genoemd marktplein (de Groote Markt) wordt des Maandags veemarkt gehouden; het ruime plein schenkt dan tevens gelegenheid aan vele kooplieden om er hunne waren, uitgespreid op stalletjes of op den grond, aan den man te brengen. De Steenwijker veemarkt is alom bekend. Ver uit den omtrek trekken de veehouders met hun koeien en ander vee naar Steenwijk op, waar zij tegen betaling van een zeer klein marktgeld meestal koopers vinden. In den laatsten tijd krijgen wij op drukke marktdagen zelfs bezoek van buitenlandsche kooplieden, die het marktwezen tot grooten bloei brengen. Een treffend staaltje van levendigheid en drukken aanvoer vindt de lezer op nevensstaand kiekje, op den achtergrond waarvan de voorgevel van het stadhuis mooi uitkomt.



Nu wij hier van ons marktplein spreken, is het een goede plaats even te wijzen op een mooien ouden gevel, die zich onmiddellijk in de buurt bevindt. Aan de Noordzijde van het stadhuis - in het Waagstraatje treft men het oude waaggebouw, welks trapgevel prijkt met een afbeelding van Themis, het Stadswapen, de heilige Clemens en het jaartal 1642.
Aan den anderen kant in de Koningsstraat -ziet men ook nog een ouderwetschen trapgevel met het jaartal 1614; hiervan is het eigenaardige evenwel verloren gegaan door herstellingen, evenals dit is geschied met vele andere oude gebouwen. Een antiek stukje bouwwerk, waarvan op bladzijde 19 eene afbeelding voorkomt,treft men in de Scholestraat, dicht in de nabijheid.



Heeft men lust een aardige voorstelling te zien van een bekende episode uit Steenwijks verleden (op een andere plaats in dit boekje volgt hiervan een kleine beschrijving) dan bezie men de muurschildering van het tegenover de ingang van het stadhuis, in de Koningsstraat gelegen café VREDENDUIN, aangebracht door een stadgenoot.
In het genoemde Waagstraatje heeft men het gezicht op de Kleine Kerk, een bezienswaardig gebouw uit historische tijden, toebehoorende aan de Nederl. Herv. Gemeente.



Aan hetzelfde Kerkgenootschap behoort ook de Groote Kerk, waarvan men den zwaren monumentalen toren zeker reeds heeft waargenomen bij het verlaten van den trein. Muren van 1.50 Meter dikte hebben dezen kolossus voor den tand des tijds beveiligd. Een bestijging ervan is zeer loonend; men heeft een interessant uitzicht over beemd en bosch. Sedert den aanleg van de waterleiding dient deze toren - stadseigendom - tevens als waterreservoir, daarin op eene hoogte van 20 Meter op sterk metselwerk aangebracht door den ingenieur SCHOTEL uit Rotterdam, door wien het geheele werk van de waterleiding alhier is geprojecteerd. De Groote Kerk, die met genoemden toren één bouwwerk vormt, is bevloerd met vele zeer fraaie grafzerken en bezit een prachtig orgel. Oudtijds heette zij St. Clemenskerk, naar een der Apostolische vaderen: Clemens Romanus Primus, volgens de overlevering de derde bisschop te Rome na Petrus, die plm. 100 jaar na Christus geboorte leefde. De kerkelijke overlevering vermeldt, dat hij op last van keizer Trajanus aan een anker vastgemaakt in zee geworpen werd, doch dat het lijk van den martelaar weldra aan wal spoelde. Het Stadswapen geeft dezen bisschop in beeld.
Voor de ligging der andere kerken, openbare gebouwen, straten, pleinen, wallen enz. verwijzen wij naar den plattengrond op pag. 4.

Steenwijk heeft ruim 6000 inwoners, bezit gas- en waterleiding in eigen exploitatie, is intercommunaal aangesloten bij de telefoon, onderhoudt een druk verkeer met naburige gemeenten, zoowel te land als te water, staat over zee rechtstreeks in verbinding met Amsterdam en heeft sedert een paar jaren ook gemeenschap met het vaste kamp voor jaarlijksche militaire manoeuvres te Diever.
Behalve de openbare en bijzondere lagere scholen, heeft men er een goed-ingerichte Fröbelschool, een Aansluitingsschool van lager tot middelbaar onderwijs, een Rijks Hoogere Burgerschool met 3-jarigen cursus, een Ambachtsschool, die door ongeveer 100 leerlingen wordt bezocht en een Rijks-Normaalschool met Voorbereidende Klasse.
Steenwijk is de zetel van het hoofdkiesdistrict van dien naam; er is een kantongerecht, kantoor der registratie en domeinen, en der rijksbelasting, benevens een correspondentschap der Ned. Bank. Alles drukt er den stempel op van eene stad van eenige beteekenis.
Behalve de reeds genoemde hotels bij het station en aan de Oost- en Westzijde der stad, moeten nog vermeld: hotel Köss in de Oosterstraat, hotel BUSSCHER buiten de Woldpoort en twee gelegenheden voor logies in Volkskoffiehuizen: de eene in de Oosterstraat (onderneming van de Nat. Chr. Geh. Onth. Vereen.) de andere aan de Markt (particuliere onderneming).
Sedert de laatste jaren is voor drankbestrijding te Steenwijk veel gedaan en met groot succes, zoowel door bovengenoemde als door de Alg. Onth. Vereeniging.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen