woensdag 16 september 2009

Geïllustreerde gids voor Denekamp en omstreken: Naar Austiberg

Naar Austiberg


Fragment van Wandel-, fiets- en autokaart van De Lutte, Denekamp en omstreken (1916). Klik er op voor vergroting.

Het verhoogt niet weinig de aantrekkelijkheid eener streek, wanneer het terrein geaccidenteerd is. Denekamp heeft heide en bosschen, bouw- en weiland, beken en plassen, hoogten en laagten.
Een dezer hoogten is de Austiberg in Beuningen, die in een goed halfuur gemakkelijk van uit Denekamp te bereiken is. Men kan daartoe uit 2 wegen kiezen. De eene gaat een paar honderd meter achter de halte Beuningen links van de Oldenz. straat. Men volgt het wegteeken tot een handwijzer, die een voetpad, dat naar het doel leidt, aanwijst. Dit pad leidt langs de boerderij Epman, waaromheen men een halven cirkel beschrijft, dan gaat men een hek door over een wei, rechts houden, waar men weer een handwijzer vindt, die u naar de hoogte wijst. - Bij dezen handwijzer vindt men 2 bronnen, één daarvan voorziet de boerderij Epman van water, de andere de boerderij Austie aan den voet van den heuvel; beide zijn natuurlijke hoogdrukwaterleidingen. Volgt men bij den 1en handwijzer niet het voetpad naar Austieberg, doch het wegteeken, dan maakt men een prachtige wandeling, en komt ook weer over Austieberg terug. Neemt men den anderen weg, dan gaat men door het Sterrebosch. Dit bosch is zoo genoemd, omdat de paden alle stervormig uitloopen. Een paar banken geven gelegenheid tot rusten, eenige vijvers in het bosch verhoogen zeer de aantrekkelijkheid.


Foto: In het Sterrebosch

We volgen den breeden zandweg, die ons op den straatweg naar de Lutte brengt, volgt dezen tot voorbij de Beuninger school, waar een handwijzer het pad wijst naar Austieberg. Van hier uit is deze weg aangegeven met het wegteeken. Op de hoogte heeft men een prachtig panorama. Van Austiberg uit kan men prettig in den omtrek dwalen en veel mooie punten aantreffen. Wie aan plantkunde doet, kan zeldzame exemplaren vinden.

Geïllustreerde gids voor Denekamp en omstreken: Naar Hakenberg en De Lutte

Naar Hakenberg en de Lutte

De gemerkte weg brengt ons over een hoogte "de Nije Haar" in een met kreupelhout begroeid terrein, en na een prachtig dalgezicht genoten te hebben, bij het boerenplaatsje "Beernink." Dit moet men links laten liggen om naar den Hakenberg te komen.


Fragment van Wandel-, fiets- en autokaart van De Lutte, Denekamp en omstreken (1916). Klik er op voor vergroting.

Een andere weg, ook zeer aan te bevelen voor wielrijders is de volgende: Oldenzaalsche straat tot telefoonpaal 87, hier links af den zwarten weg volgen tot de boerderij van den Hakenberg, deze weer links laten liggen om op den heuvel te komen.
Laat men boerderij en berg links liggen en volgt men den zwarten weg, dan komt men langs de boerderij Lage Havik op de boerderij Hanhof, en zóó in de Lutte dicht bij 't Hotel-Pension Berg-en-Dal. Deze weg is per rijtuig goed te passeeren en van uit het rijtuig heeft men af en toe mooie vergezichten.

Geïllustreerde gids voor Denekamp en omstreken: Langs de Dinkel

Langs de Dinkel


Foto: Roei- en Vischvermaak op de Dinkel

Had Cremer de Dinkel gekend, hij zou haar nog aardiger gevonden hebben dan de Linge, die hij zoo lief bezongen heeft. Maar Twente heeft nog geen novellist als Cremer voortgebracht en daarom stroomt zij nog onbezongen daarheen. Maar Willem Oppenoorth, de schilder, heeft haar bespied en haar op 't doek meesterlijk weergegeven; de Dinkel is schoon, vol afwisseling. De verschillende gezichten beschrijven is niet mogelijk, omdat deze beschrijving onvolledig zoude zijn. Maar een wandeling langs de oevers is zeer loonend. 't Zal u opvallen, hoe helder het water is, hoe zandig de bodem, hoe steil, zelfs overhangend en dan weer zacht glooiend de oevers zijn, hoe zij nu door bosch, dan langs koren¬velden, dan door hei stroomt.
De Dinkel, die 's zomers zoo kalm lijkt, kan in den winter de geheele streek onder water zetten.


Foto: Dinkelgezicht

We vangen onze wandeling aan op de Oldenz. straat, de Denekampsche zijde van de Dinkel en dan stroomopwaarts, aangegeven met het wegteeken = en 't zal u niet ontgaan, dat de stroom zich heel mooi langs het sterrebosch slingert. De eerste brug, waar we aankomen is de Beuninger brug. We gaan die niet over, doch volgen het wegteeken =, dat ons door Hassinkbosch in de Mekkelhorst brengt, waar we spoedig het voet- en rijwielpad vinden dat ons rechts naar het Lutterzand, links naar Denekamp wijst. Volgen we echter de Dinkel, dan komt men eerst bij de Kampbrug, daarna bij de Molemansbrug, en eindelijk bij de Beverborgbrug. Hier en daar is de weg niet best, maar de natuur wordt al meer aantrekkelijk.


Foto: Kampbrug

Van de Beverborgbrug uit kan men links de boerderij Beverborg zien. In de nabijheid van de boerderij Beverborg zou vroeger de Burcht van dien naam gestaan hebben, maar niets doet er meer aan herinneren. Volgens Geerdink zouden de Bevers vroeger bewoners van de Dinkel geweest zijn, vandaar die naam.
De boerderij laten we rechts liggen tot we aan een voet- en rijwielpad komen dat ons rechts naar 't Zand, links naar Denekamp voert. Gaan we rechts dan komen wij in dennenbosschen, waar wij den weg vrij recht-uit nemen, en komen dan eindelijk op een zandvlakte: "Het Lutterzand", met rechts de Dinkel en links dennenbosschen. Hier vinden we echte duinen en 't is een streek, waar men uren kan dwalen en genieten. Vossen en reeën zijn hier thuis. De Dinkel maakt hier de streek prachtig: aan de overzijde de groene weide, aan deze zijde de echte Duinen met dennen.


Foto: In het Lutterzand

Heeft men hier genoeg genoten, dan kan men, doorloopende, op den Bentheimer weg komen en rechts afslaande, door de Lutte naar Oldenzaal gaan; links afslaande, komt men te Gildehaus. Men kan natuurlijk met variaties van den voorgeschreven weg ook naar Denekamp terugkeeren. Even voorbij de plank die ons herinnert dat een voet- en rijwielpad naar Denekamp voert, vinden we het wegteeken naar de Lutte.
De Dinkelwandeling kan men heel geschikt op elke brug afbreken, om over de heide terug te keeren. De Denekamper toren wijst de richting aan. Neemt men de heele wandeling, het Lutterzand inbegrepen, dan moet men daarvoor zeker een halven dag nemen en voor proviand zorgen.

Geïllustreerde gids voor Denekamp en omstreken: fietstochten. Naar Oldenzaal

Naar Oldenzaal

De weg naar Oldenzaal behoort tot de merkwaardigste wegen van het land om zijn hoogten en laagten. De 9 K.M. lange straatweg lijkt uit stukken weg te bestaan, in elkaar geschoven, evenals de deelen van een verrekijker. Sommige gedeelten van den weg van Maastricht naar Aken zien er evenzoo uit, ook wegen van de Veluwe; maar nergens komt die herhaling van hoogten en laagten, tot zes keer toe, zoo goed uit als hier.


Foto: Dinkellust

Tot Borchtbosch is de weg spoedig afgelegd. Het schijnt dat we niet ver van Oldenzaal af zijn; de stompe afgeknotte toren is reeds zoo duidelijk zichtbaar, maar ons rest nog een half uurs tochtje. Tot de halte Beuningen vergezelt ons de tramlijn. Rechts staat de "Heimolen": Nooitgedacht! Den naam heimolen dankt zij aan de voor 6 jaren afgebrande, die met heide gedekt was.
Links gaat de grintweg door Beuningen en de Lutte naar Losser. Hier ligt het pension "Vonk", en nog iets verder gaat een allergezelligste weg af naar Austiberg, op een kwartier afstands, en naar den Hakenberg. De weg, door handwijzers vrij nauwkeurig aangegeven, voert verder naar de Lutte.
Op de eerste hoogte, die we bestegen hebben, genieten we van een prachtig uitzicht naar alle kanten. Links voor ons, in de laagte, twee steenbakkerijen, hier en daar een boerenwoning, zóó verscholen in het omringende groen, dat dikwijls alleen de blauwe rook, die in de lucht opstijgt, de plaats doet herkennen. Het geheel wordt afgesloten door een heuvelkam met bosch op de hellingen, met geel-groene vlakken er tusschen van aardappel- of korenvelden.
Rechts zien we de torentjes van Rossum en van Singraven; ook dien van Ootmarsum. Naar 't W. en Z.-W. de teekenen der groote Twentsche nijverheid; de rook der fabrieksschoorsteenen. Naar den kant van Denekamp ook een vriendelijk gezicht. Borcht- en Sterrebosch maken een donkere afsluiting, doorbroken door den straat- en tramweg, door welke opening van Denekamp alleen de toren zichtbaar is.
Verder fietsende, wordt ons oog telkens aangenaam getroffen door gezellige afwegen, die ons uitnoodigen af te dwalen en wel 't meest naar links, naar de Lutte. De weg, die halfweg Oldenzaal links afslaat en, zooals door een handwijzer is aangegeven, voorbij de steenbakkerij naar Duivendaal en het Zwaantje voert, is vrij goed te fietsen. Even verder gaat rechts de weg naar 't Everloo af, een laan, aan weerszijden met lage dennen begroeid. Men kan niet genoeg uitkijken; op elk punt van den weg heeft men weer een ander uitzicht. De koepel, dien men links waarneemt, staat op den Tankenberg en is nader beschreven in den Gids voor Oldenzaal en Omstr.
Boven op de laatste hoogte vóór Oldenzaal, overziet men naar rechts ongeveer geheel Twenthe: Hengelo, Delden, Borne; Almelo kan men op zij vinden. 't Gezicht op het dorpje Rossem is ook aardig, en Ootmarsum vindt men daarachter. Naar links afslaande komt men over een vrij goeden fietsweg over den rug van den Tankenberg, die onbeschrijfelijk mooie vergezichten oplevert. Daarna komt men op de Bentheimer straat, ongeveer 2 K.M. van Oldenzaal. Die hier wil dwalen, schaffe zich Oldenzaal's Gids aan. Nu gaat men met vaart naar beneden, over de spoorlijn en komt te Oldenzaal. Wat hier te zien is kan men vinden in den bovengenoemden Gids. Zij, die zich willen restaureeren of het een of ander wenschen te koopen, verwijzen we naar de in dezen gids voorkomende advertentiën.
Naar Denekamp teruggaande, maken wij gebruik van de tram, waarvoor we aan het station, doch ook aan de Bentheimer straat kunnen instappen. Den opmerkzamen reiziger zal 't niveau-verschil van den bodem ook gedurende de tramreis niet ontgaan. Af en toe heeft men zeer aardige uitzichten.

Geïllustreerde gids voor Denekamp en omstreken: fietstochten. Naar Nordhorn en Frenswegen

Naar Nordhorn en Frenswegen

Deze weg, die bij het logement van Blanken door een handwijzer van de A.N.W.B. is aangegeven, is tot Nordhorn 8 K.M., tot Frenswegen 12 K.M. De weg is zeer goed te fietsen. De grens ligt ongeveer halverwege tusschen Denekamp en Nordhorn. Pruisen inkomende, heeft men dadelijk rechts het Nebenzollambt of grenskantoor. De weg verderop is hier en daar met veldkeien verhard, dus voor de fiets minder aangenaam, maar het pad er naast is meestal zeer goed. Dicht bij Nordhorn gaat men over de spoor1ijn. In Nordhorn gekomen zijnde, kan men geschikt rusten of zich restaureeren in 't Hotel Koopman.
De stad, die gebouwd is op een eiland, door 2 armen der Vecht gevormd, vindt haar bestaan voornamelijk in fabrieken. Winkels komen er telken jare meer, en men kan er aardige Duitsche zaken koopen. Merkwaardigheden zijn er niet veel: we wijzen op het "Kriegerdenkmal" een herinnering aan de gevallenen in '70-'71. De bouwtrant is van de oude huizen echt Hollandsch, en aardige Hollandsche landschappen ziet men op de beide Vechtbruggen. Eigenaardig is de ouderwetsche kleederdracht der boeren en boerinnen uit de omgeving van Nordhorn. Op Zondagen vooral kan men de typische dracht nog zien.


Foto: Kloosterbrug van Frenswegen

Bij 't zooeven genoemde Denkmal, dat gelegen is aan gene zijde van Nordhorn, splitst zich de weg rechts naar Lingen, links naar Frenswegen en Neuenhaus. Deze weg (naar Frenswegen) is met vruchtboomen beplant en is zeer mooi om te fietsen. De Vechtbrug voor de derde keer naderende, zien we reeds de ruïne van het voormalig klooster. In Eigen Haard No. 9, 10, 11 en 12, Jaargang 1902, vindt men van de hand van den heer C. N. Wybrands een historische studie over dit klooster. Het bestek van dezen Gids laat ons niet toe, van dit belangrijk geschrift iets over te nemen, toch bevelen wij dit artikel zéér ter lezing aan.
Na deze merkwaardige ruïne bezichtigd te hebben, kan men in het naburig restaurant, dat vroeger, vooral op 2en Pinksterdag veel bezoekers trok, eenigen tijd verwijlen om den terugtocht te aanvaarden langs denzelfden weg.

Geïllustreerde gids voor Denekamp en omstreken: fietstochten. Naar Ootmarsum

Naar Ootmarsum

Deze weg is zeer goed te fietsen, hij is 9.2 K.M. lang en slingert zich aangenaam tusschen bosch, heide en vruchtbaar bouwland door. De kronkelingen van den weg doen u, in tegenstelling van de rechte wegen naar Nordhorn en Oldenzaal, aangenaam aan.
Halverwege Ootmarsum ligt het kerkdorp Tilligte. Ootmarsum is een aardig, vriendelijk stadje, dat echter wel lijdt door zijn geïsoleerde ligging. Een ontworpen trambaan zal echter aan dezen toestand een einde maken. Men kan te Ootmarsum in verschillende hotels zeer goed vertoeven, en om de stad heen heeft men, vooral naar den Almeloschen kant, mooie vergezichten en prachtige partijen. Een bezoek aan Ootmarsum en zijn omgeving loont de moeite wel. De oude R. K. kerk met haar mooie ramen is een bezoek zeer waard.

Geïllustreerde gids voor Denekamp en omstreken: Grootere fietstochten

GROOTERE FIETSTOCHTEN

Denekamp - Nordhorn - Bentheim - Gildehaus - Oldenzaal - Denekamp (p. m. 50 K.M.).
Deze tocht, waarvoor men een heelen dag moet nemen, loont de moeite. In Nordhorn gekomen, slaat men de eerste straat rechts af. Deze voert naar Bentheim. Na circa een uur rijdens komt men aan een hoogte, de Isterberg, waarop een uitspanning. Hier laat men de fiets een oogenblik rusten, om een wandeling te maken naar de dennenbosschen, links van den weg gelegen. In verschillende daar aan den dag tredende steenlagen kan men verscheidene indrukken van voorwereldlijke dieren vinden.
Van den Isterberg naar Bentheim is een eenig mooie weg. Men rijdt nu door het Bentheimer woud. Voor we nog het stadje Bentheim bereikt hebben, zien we links in het woud "Bad Bentheim" met zijn zwavelbronnen, dat vooral door Nederlandsche badgasten bezocht wordt. In het stadje zelf trekt vooral het overoude grafelijke slot, een bezitting van den Vorst van Bentheim, onze aandacht. De kolossale rotsen, die hier aan den dag treden (Drususrots), de sterk hellende straten, de prachtige vergezichten, de steengroeven, de woudrijke omgeving, enz. dat alles noodigt hier tot een lang vertoeven uit.
Van Bentheim gaat de tocht nu naar Gildehaus (bekend door zijn zandsteengroeven) en vervolgens naar de Lutte met zijn schilderachtige plekjes. Van de Lutte gaat de tocht rechtstreeks of over Oldenzaal naar Denekamp terug.

Denekamp - Nordhorn - Neuenhaus - Lage - Ootmarsum - Denekamp (Ongeveer 40 K.M.).
Tot Frenswegen is de weg bekend uit fietstocht sub 2. Van hier bereikt men in een half uur Neuenhaus, gelegen aan de samenvloeiing van Dinkel en Vecht. Het is een typisch oud stadje, dat, sedert het door zijn spoorwegverbinding met Bentheim uit zijn isolement is getrokken, weer wat begint op te leven. Van hier bereikt men in een kwartier rijdens Lage, aan de Dinkel gelegen. De ruïne van het kasteel te Lage, een bezitting van den graaf van Heeckeren tot Twickel bij Delden, is een bezoek waard. De omgeving ervan is idyllisch schoon. Van hier voert de weg langs Ootmarsum naar Denekamp terug.

Denekamp - Ootmarsum - Almelo - Borne - Hengelo - Oldenzaal - Denekamp (p. m. 60 KM.).
Tot Ootmarsum is de weg bekend. Achter Ootmarsum voert de weg over een hoogte met prachtige vergezichten. Van hier gaat het door de buurtschappen Reutum, Fleringen en Albergen naar Almelo, de hoofdplaats van Twente. Hier kan men wat rusten en een wandeling maken door de “Graven allee" en den "Wierdenschen weg". De weg voert nu verder door de vruchtbare buurtschap Zenderen en over Borne naar Hengelo, een plaats, die haar snelle opkomst aan de nijverheid te danken heeft. Van hier rijdt men in een goed uur over Oldenzaal naar Denekamp terug.

Denekamp - Ootmarsum - Weerseloo - Oldenzaal - Denekamp (p. m. 35 KM.).
Men neemt den weg tot Reutum, vanwaar een goed fietspad naar Weerselo leidt. Ook kan men tot Fleringen rijden en vandaar den grintweg naar Weerselo nemen. Te Weerselo bezoeke men het Stift, met zijn reuzeneik. De weg van Weerselo naar Oldenzaal is zandweg, doch een goed aangelegd fietspad maakt het rijden aangenaam.

Denekamp - Ootmarsum - Rossum - Oldenzaal - Denekamp (p. m. 30 KM.).
De weg tot Ootmarsum is bekend. Van hier voert een grintweg door de buurtschap Agelo en 't kerkdorp Rossum naar Oldenzaal. Even voor de school te Rossum voert links een goed rijwielpad door de buurtschap Volthe en over Singraven naar Denekamp. Deze weg is zeer aan te bevelen.
Van Rossum naar Oldenzaal is de weg eenigszins hellend; dicht voor Oldenzaal stijgt hij zelfs belangrijk. Hier heeft men een mooi gezicht op Rossum en 't daarachter gelegen Ootmarsum. Van Oldenzaal gaat het weer naar Denekamp terug.


Denekamp - de Lutte - Losser - Oldenzaal - Denekamp (p. m. 35 K.M.).
Van Denekamp volgt men den weg naar Oldenzaal tot Halte Beuningen. Hier neemt men den grintweg, die links afslaat. Deze voert door de buurtschappen Beuningen en de Lutte. De schoone plekken dezer laatste buurtschap liggen westelijk van den weg. Niet ver van de kerk te de Lutte met haar boschrijke, schoone omgeving kruist de weg den straatweg Oldenzaal-Bentheim en iets verder de spoorlijn tusschen deze plaatsen.
De weg, die gedeeltelijk beschaduwd is, voert voor een groot deel door aanplantingen en nog onontgonnen heidevelden naar 't dorp Losser, dat zijn welvaart voor een goed deel dankt aan de nijverheid van 't naburige Gronau (Pr.). Een grintweg en een tramlijn voeren naar deze plaats.
Van Losser gaat de tocht over Oldenzaal naar Denekamp terug.

Denekamp - Oldenzaal - Hengelo - Enschede - Lonneker - Oldenzaal- Denekamp (p. m. 50 K.M.).
Van deze route zijn de stukken Hengelo-Enschede en Enschede-Oldenzaal grootendeels beschaduwd. Enschede en Hengelo zijn met Almelo de voornaamste fabrieksplaatsen uit Twente. Te Enschede brenge men een bezoek aan het Volkspark. Ook de straatweg naar Gronau is mooi.

De onder genoemde routes worden alle geheel of gedeeltelijk ook bereden door spoortreinen. Voor een fietsrijder(ster), die een ongeluk met zijn fiets houdt of vermoeid wordt, kan dit van belang zijn.

Fietspaden


Foto: Weg naar het Lutterzand

Voor 't gerief van hen, die fietsen kunnen, zijn er in den laatsten tijd veel betrekkelijk goede fietspaden aangelegd. Zoo'n rijwielpad leidt van den Nordhornschen straatweg even voorbij de school rechts over de zoogenaamde Kolonie naar de heide en verder naar de Pr. grens. Goede fietspaden gaan naar 't Sint-Nicolaasgesticht, naar Noord-Deurningen en verder naar Latrop. Een goed pad gaat eveneens over Singraven (voor zoover het pad over Bögelskamp en Singraven loopt is het slecht. De eigenaars wenschen geen rijwiel- en voetpad aan te leggen of te onderhouden) en Volthe naar Rossum, een tweede voert vanaf de Halte Beuningen naar deze plaats. Bijzondere vermelding verdient echter het fietspad naar 't Lutterzand.
Door de Wilhelminastraat volgt men (zie wandeling 4) den Losserschen dijk. Een handwijzer zegt ons, waar we links moeten afslaan. We komen nu door een groot korenveld en aan 't eind daarvan in een schoone, boschrijke streek, de Mekkelhorst genaamd. De weg is vrij duidelijk door handwijzers aangegeven.
Wie tegen een wandeling naar het Lutterzand (zie wandeling 8) opziet en fietsen kan, mag niet nalaten dezen tocht te maken. Hij zal zich wel beloond vinden.
Voor hen, die een groote rijtoer willen maken, is het volgend rit zeer aan te bevelen. Men moet een rijtuig met 2 paarden nemen. Men neemt den weg door de buurtschap Noord-Deurningen, (bezoekt de St. Nicolaas-stichting) Lattrop, (bezoekt de kerk) Breklenkamp, (bezoekt het huis van dien naam) en neemt dan de weg naar Lage. Hier moet men de ruïne bezoeken. Van Denekamp naar Lage is zandweg, doch in den zomer goed te berijden. Nu neemt men den straatweg naar Neuenhaus, een aardig stadje, en gaat langs 't klooster "Frenswegen" over Nordhorn naar Denekamp. Deze toer is 30 K.M.